Bijna alle eetstoornispatiënten ontwikkelen hun stoornis tijdens de schooljaren. Vooral de universitaire campussen zijn ideale kweekvijvers voor anorexia, bulimia en binge eating. Eén derde van de unversiteitsstudenten kampt naar verluidt met eetproblemen en heeft een verstoord lichaamsbeeld..
Het leven van een student loopt dan ook niet altijd van een leien dakje. Het beeld van de fuivende, schuinsmarsjerende en luie student doet afbreuk aan de realiteit. Universiteitsstudenten staan sterk onder druk om te slagen. Zij krijgen te maken met heel wat stressfactoren, zoals het aanknopen van nieuwe vriendschappen, afscheid nemen van de familie, het maken van moeilijke en verantwoorde keuzes. Plotseling moeten ze hun eigen boontjes doppen. Een ongekend gevoel van onafhankelijkheid en vrijheid gaat daarbij hand in hand gaat met verwarring en angst. De studielast neemt onrustwekkende proporties aan, en nachtwerk wordt eerder regel dan uitzondering.
Maar ook de administratieve verantwoordelijkheden die ze plotseling op zich moeten nemen zijn niet van de poes: er moeten rekeningen betaald worden, papers geschreven en dies meer. Een slecht timemanagement kan de boel in het honderd doen lopen. Als dat gebeurt zoeken sommige studenten troost in een overdreven controle van hun eetgewoonten. Ze eten alsmaar minder en minder om aan de ideale maten te beantwoorden. In een chaotische wereld is dit rigoureus diëten hun manier om hun leven in de hand te houden. Anderen proppen zich vol met junkfood en voelen zich daar zo schuldig over dat ze alles weer uitbraken.
Het is moeilijk om tussen het socialisen, studeren en rondrennen door gezond te eten en een feelgood instelling na te streven. Maar het is wel een voorwaarde voor succes.
Durf je goed in je vel voelen ‘Campagne Nederlland)
9 juli 2008 — Jeroen De Mets
Eetstoornissen zijn ook aan onze universiteit nog een probleem. Dat is iets waar de campagne ‘Durf gezond eten’ grotendeels aan voorbijgaat. Schamper sprak met professor Myriam Vervaet, die kan terugbuigen op een jarenlange ervaring met patiënten met een eetstoornis.
Ook onder universiteitsstudenten komen eetstoornissen nog relatief veel voor, legt Myriam Vervaet uit: “De gemiddelde leeftijd waarop iemand aan anorexia nervosa begint te lijden is ongeveer 14 à 15 jaar, maar voor boulemia nervosa ligt die leeftijd hoger, ongeveer 17 à 18 jaar. Dat is ongeveer de leeftijd waarop iemand naar het hoger onderwijs trekt. Redelijk wat studenten gaan daarbij op kot. De controle van de ouders valt weg en sommige studenten vereenzamen. Bovendien hebben de meeste studenten sowieso al een onregelmatige levensstijl.”
Het is niet altijd even makkelijk om een eetstoornis te herkennen. “Zoals gezegd komt boulemia veruit het frequentst voor onder studenten, maar die ziekte valt niet altijd makkelijk te herkennen. In tegenstelling tot anorexia gaat boulemia niet gepaard met veel gewichtsverlies.” Een profiel valt wel op te maken. “Personen met een eetstoornis zijn heel vaak perfectionisten. Ze richten zich bijvoorbeeld heel erg op hun studies. Ze voelen zich veiliger in een prestatiegerichte omgeving. Op die manier raken ze sociaal geïsoleerd, en in zo’n omstandigheden gaan ze zich vaak ook op het vlak van voeding perfectionistisch gedragen.” “Het gaat trouwens vooral om meisjes. Traditioneel wordt gesteld dat de verhouding jongens/meisjes voor anorexia 1/9 is en voor boulemie 3/7. Jongens vinden bovendien moeilijker de weg naar een behandeling.” De gevolgen van een eetstoornis worden vaak duidelijk tijdens de examens. “Mensen die aan een eetstoornis lijden leggen een enorme druk op zichzelf. Dat hou je niet vol met een ongezond voedingspatroon. Vooral tijdens de examenperiode bestaat het risico dat je dan instort.”
Sinds dit jaar voert de universiteit gezondheid nochtans hoog in het vaandel. De campagne ‘Durf gezond eten’ legt sterk de nadruk op gezonde voeding, onder andere door bij alle maaltijden het aantal calorieën te vermelden. Is dat wel verstandig, als je weet dat er mensen zijn die obsessief bezig zijn met hun gewicht? “Gezond eten is uiteraard belangrijk”, benadrukt Myriam Vervaet, “maar de campagne schiet zijn doel wat voorbij. Een bon-vivant zal zich weinig aantrekken van wat op die stickers staat. Maar de kleine groep die met eetstoornissen kampt, is daar wel gevoelig voor. Enerzijds zullen zij wel calorieën tellen, en steevast kiezen voor het gerecht met het minste calorieën. Achteraf zitten ze dan met een schuldgevoel. Anderzijds vinden ze in die hele campagne ook een bevestiging dat het goed is om op je voeding te letten.” “De campagne legt de nadruk op gewicht, maar het is vooral belangrijk dat je evenwichtig eet. Een gezonde voeding kan je niet berekenen. Een licht overgewicht is gezonder dan een licht ondergewicht. En bovendien: eten moet genieten zijn. Gezond eten kan en moet lekker zijn. Eens zondigen mag best. Dat komt te weinig tot uiting in de gezondheidscampagne. Die caloriestickers moeten verdwijnen.”
Een ander fenomeen zijn de zogenaamde ‘pro-ana’-sites. Deze sites promoten anorexia en boulemie als een ‘way of life’. Ze bevatten tips over hoe je kan vermageren en in de chatbox krioelt het van tienermeisjes die vertellen dat ze zichzelf te dik vinden. “Het is crimineel”, vindt Myriam Vervaet. “Eetstoornissen leiden vaak tot hartproblemen of zelfs zelfmoord. Iemand daartoe aanzetten is ronduit onverantwoord. Jammer genoeg kan je het internet nu eenmaal moeilijk controleren.”
Schamper probeerde om contact op te nemen met de webmaster achter de grootste Belgische ‘pro-ana’-site. Die weigerde elk telefonisch contact, en stelde voor om elkaar via MSN Messenger te spreken. Een eerder jong persoon? Myriam Vervaet is niet verbaasd: “Die site lijkt voor buitenstaanders bijzonder vreemd. Teksten als ‘de 10 geboden van ana’ lijken bijna cynisch. Toch denk ik dat het om mensen gaat die zelf een eetstoornis hebben. Psychische ziekten komen in allerlei gradaties voor. Bij sommige personen zie je dan dat ze bijzonder fanatiek worden en bijna gaan dwepen met hun ziekte. Ze denken dat zij de touwtjes in handen hebben en bewust kiezen voor hun levensstijl. Vanuit die optiek kan je een ‘pro-ana’-site vergelijken met bijvoorbeeld de pedofielenpartij in Nederland. Die neiging naar het sektarische is iets dat je bij wel meer patiënten met een eetstoornis ziet.”
Een directe oplossing bestaat niet echt. “Het is belangrijk te beseffen dat een eetstoornis altijd een symptoom is. Om eetstoornissen te voorkomen, moet je dan ook vooral aan de omstandigheden werken. Ik wil de nadruk leggen op het belang van ‘je goed in je vel voelen’. Specifiek voor universiteitsstudenten houdt dat in dat we moeten zorgen dat het studentenleven niet louter op academische prestaties gericht is. Onze rector levert daar goed werk. De studententijd moet een tijd zijn waarin je jezelf ontplooit en normen en waarden ontwikkelt. Daarvoor zijn sociale activiteiten enorm belangrijk. Op die manier voorkom je isolement, en dat is de belangrijkste oorzaak van eetstoornissen.”
http://www.schamper.ugent.be/2008-online/durf-je-goed-in-je-vel-voelen
BEGINNENDE STUDENTEN EXTRA VATBAAR VOOR EETSTOORNISSEN
Door Fleur Baxmeier
Een nachtelijk snackbarbezoek is een vast onderdeel van het studentenleven. Met af en toe een vette bunkerpartij is volgens voedingsdeskundigen ook niet veel mis, maar studenten lopen een risico zich te verliezen in vreetbuien. ‘Van potten pindakaas en halfbevroren pizza’s tot een hele ontbijtkoek: binnen een half uur heb ik álles wat ik kon vinden opgegeten.’
“Na jaren onder het strenge dieetregime van mijn moeder te hebben gestaan, at ik op mijn studentenkamer alleen nog maar wat ík lekker vond”, vertelt Marit, tweedejaars student Geschiedenis. “Pizza’s als avondeten, elke dag een rol Pringles voor de lekkere trek en na het stappen een vette snack bij de shoarmatent om de hoek. In het begin genoot ik met volle teugen van de vrijheid om te eten wat ik wilde, maar al snel merkte ik dat de kilo’s er werkelijk aan vlógen. Toen ik vervolgens probeerde af te vallen door zo min mogelijk te eten, kreeg ik last van vreetbuien.”
Studenten eten te vet, te eenzijdig én hebben een verhoogd risico op vraatzucht. Dat laatste blijkt uit een recent onderzoek onder 101 vrouwelijke eerstejaars aan verschillende faculteiten van een grote Canadese universiteit. Gebrekkige sociale contacten, het niet meer thuis wonen en onvrede over het eigen lichaam zouden volgens de Canadese onderzoekers de meest voor de hand liggende oorzaken van de eetbuien onder eerstejaars studenten zijn.
Maar ook prestatiedruk kan een rol spelen, zo zegt de Nijmeegse psycholoog en schrijfster Tatjana van Strien. “Tijdens een onderzoek naar eetbuien ontdekte ik dat eetstoornissen ook een probleem zijn voor Nederlandse studentes”, vertelt Van Strien. Zo bleek uit gegevens van het promotieonderzoek van Machteld Ouwens uit 2005 dat een kwart van de in totaal 405 ondervraagde Nijmeegse studentes wel eens een eetbui heeft gehad en dat weer een kwart daarvan het gevoel had niet te kunnen stoppen. Hoewel de Canadese studentes zeiden dat de prestatiedruk op de universiteit geen invloed heeft op hun eetgedrag, bleek dit in het Nijmeegse onderzoek wél mee te spelen.
“Studeren kan worden gezien als een belangrijke risicofactor voor het ontstaan van eetstoornissen”, verklaart Van Strien. “Dat hangt samen met ontevredenheid over je lichaam en met het schoonheidsideaal dat ons door de media wordt opgelegd, maar ook met het feit dat je de zekerheid van thuis kwijt bent. Je bent plotseling zélf verantwoordelijk voor je leven. Je moet eten koken, boodschappen doen, sociale contacten onderhouden, er goed uitzien en ook nog eens je studie op orde houden. Die grote druk kan uiteindelijk resulteren in eetbuien.”
De controle verliezen
Bijna iedereen trakteert zichzelf wel eens op een familieverpakking chips, rol koekjes of grote bak Ben & Jerry’s. Na een dag hard werken op de universiteit, het incasseren van een slecht cijfer of zo maar uit het niets. Daar kijkt niemand vreemd van op. “Regelmatig een nachtelijke pitstop maken bij de snackbar wil niet zeggen dat je een eetstoornis hebt”, vertelt Van Strien. “Hét grote verschil is dat je tijdens een eetbui alle controle over jezelf verliest. Je stouwt alles naar binnen wat je maar kunt vinden en wordt achteraf overvallen door een enorm schaamtegevoel.”
Derdejaars Pedagogiek Caroline (21) herkent het onderscheid dat Van Strien maakt tussen (vr)eetbuien en een ‘gewone’ bunkerpartij. “Ik heb heel erg de behoefte om mezelf te belonen als ik hard aan het studeren ben”, vertelt ze. “Omdat ik me daarvan bewust ben, let ik er tijdens het boodschappen doen al op dat ik hooguit één pak koekjes koop. Die gaat dan meestal ook helemaal op, maar dan blijft de schade tenminste nog een beetje beperkt. Van andere studenten hoor ik soortgelijke verhalen over hun eetgedrag.”
Af en toe een keer te veel eten of snoepen is helemaal niet erg. Zolang je de controle maar niet verliest, zoals Marit: “Ik herinner me nog heel goed dat ik na een hele dag van niet-eten ’s nachts de kastjes van mijn huisgenoten heb geplunderd. Van potten pindakaas en halfbevroren pizza’s tot een hele ontbijtkoek: binnen een half uur heb ik álles wat ik kon vinden opgegeten. Daarna voelde ik me zó vies en vadsig dat ik alles heb uitgekotst in de toiletpot. Daarna restte het schuldgevoel, omdat ik alle proviand van mijn huisgenoten had opgegeten.”
Volgens Van Strien is lijnen een van de belangrijkste uitlokkers van eetbuien. “Een onregelmatig eetpatroon, alles eten wat je daarvoor niet mocht van je ouders en vooral ook méér alcohol drinken leidt ertoe dat veel studenten tijdens hun eerste studiejaar een paar kilo aankomen. Dat kan een aanleiding zijn om een dieet te volgen of te gaan rommelen met eten. Het ontbijt overslaan bijvoorbeeld, of hele dagen niet eten. Dat werkt een eetbui in de hand, want op een gegeven moment kun je de drang naar vette en zoete dingen niet meer weerstaan.”
Op je twintigste een kunstgebit
Studenten die regelmatig een eetbui hebben, zullen het resultaat daarvan na een tijdje vanzelf terugzien op de weegschaal. “En dan slaat de paniek helemaal toe”, zegt Van Strien. “Want aankomen is wel het laatste wat ze willen. Het gevolg is dat ze nóg minder gaan eten en daardoor juist nóg meer eetbuien krijgen.” De volgende stap is dat er wordt geprobeerd om de eetbui te ‘compenseren’ met laxerende middelen of braken. “Voor veel mensen is dat het Ei van Columbus. Ze denken dé oplossing te hebben gevonden.”
Een misverstand, want het gebruik van laxerende middelen helpt je niet om al het voedsel dat in je maag zit kwijt te raken. En braken doet dat ook niet. Van Strien: “Er blijft altijd een deel achter in je lichaam, dus je schiet er niet héél veel mee op.” Erger nog is dat laxerende middelen maar vooral ook braken een destructieve uitwerking op je lichaam hebben. “Als je regelmatig opzettelijk braakt, pleeg je roofbouw op je lichaam. Je kunt hartritmestoornissen krijgen, kaliumtekort, botontkalking, maag- en darmklachten en het is ontzettend slecht voor je gebit.”
Ze vervolgt: “Ik heb jongeren gezien die op hun twintigste al een kunstgebit moesten, omdat ze zo veel hadden gebraakt. Dat wens je niemand toe.” Zo ver komt het bij Marit hopelijk niet: zij heeft hulp gezocht toen één van haar huisgenoten haar betrapte tijdens een eetbui. “Het was zaterdagmiddag en ik dacht dat iedereen het weekend naar z’n ouders was. Ik stond net op het punt een derde moorkop in mijn mond te proppen toen mijn buurman plotseling voor mijn neus stond en vroeg waar ik in vrédesnaam mee bezig was. Toen wist ik: ik moet hulp zoeken.”
Wekelijkse gesprekken met een psycholoog hielpen haar de oorzaak van haar eetbuien te achterhalen: “De stap van een gecontroleerd leven bij mijn ouders naar de eigen verantwoordelijkheid van op kamers wonen, was voor mij te groot”, zegt Marit. “Ik wilde alles in één keer perfect doen en was doodsbang om te falen. Doordat ik ook nog eens heel weinig ging eten, lokte dat vreetbuien uit. Inmiddels heb ik mijn leven beter op orde en zit ik stukken beter in mijn vel. Helemaal weg zijn mijn eetbuien nog niet, maar ik heb goede hoop op de toekomst.”
Wat zegt de deskundige?
“Studenten gaan vaker uit eten dan andere mensen, pakken sneller een kant-en-klare maaltijd in de supermarkt en drinken meer dan geregeld een biertje”, zegt voedingsdeskundige Anne de Winter. “Dat is niet heel gezond, maar op een gegeven moment worden ook studenten vanzelf bewuster als het gaat om hun leef- en eetpatroon. Zeker bij hoger opgeleide mensen merk ik dat ze heel geïnteresseerd zijn in de invloed van voedsel op hun lichaam. Daar vloeit uit voort dat ze vaker biologisch en verantwoord gaan eten, dat zal ook bij studenten het geval zijn. Elke dag pasta eten is overigens helemaal geen zonde, zolang je er maar voldoende groentes doorheen roert en rode sauzen gebruikt in plaats van witte. Verder zou ik zeggen: pas op met alcohol. Een gewoon glas bier bevat al snel 80 calorieën, een wijntje ook zoiets en een breezerflesje zelfs 220 calorieën. Dat tikt snel aan.”
Hoe gezond eet jij?
Ilona Hendriks (19), derdejaars Natuur- en Sterrenkunde: “Sinds ik op kamers woon, ben ik veel minder aardappels gaan eten en meer pasta. Ik drink meer bier, ongeveer zes flesjes per week, en ga iets vaker uit. Echt aangekomen ben ik niet, maar ik denk dat ik wel ongezonder ben gaan leven. Je drinkt als student toch meer koffie en bier en eet minder fruit dan iemand die bij z’n ouders woont.”
Karin Swart(21), derdejaars Pedagogiek: “Mijn leven is onregelmatiger geworden nu ik op kamers woon, maar niet ongezonder. Ik sport juist meer, omdat ik lid ben geworden van een sportvereniging. En ik ben bewuster gaan eten. Ik ben vegetariër geworden en haal elke week de biologische groentetas. Ik leef milieubewust en ik vind het belangrijk dat mijn voeding daarop aansluit.”
Floris van Proosdij (23), zesdejaars student Filosofie: “Toen ik net op kamers zat, leefde ik ontzettend ongezond. Veel blowen, stappen, snacken. Ik denk dat de eerste jaren een soort zoektocht naar balans zijn, inmiddels heb ik die volgens mij wel gevonden. Ik eet relatief gezond, ik koop regelmatig fruit voor mezelf en ik probeer voldoende nachtrust te hebben. Alleen aan sporten doe ik niet.”
Charliene van der Werf (23), derdejaars Liberal Arts & Sciences: “Net op kamers at ik vooral rijst, macaroni en gebakken eieren, maar na een paar maanden ging dat vervelen. Nu, na vier jaar zelfstandigheid, eet ik netjes drie maaltijden per dag en genoeg fruit. Ik denk dat de meeste studenten op den duur vanzelf gezonder gaan eten omdat de pizza’s en kant-en-klare maaltijden toch echt hun neus uitkomen.”
Riëtte Engelen (21), vierdejaars Bestuurs- & Organisatiewetenschap: “Ik ben sinds ik op kamers woon bewuster bezig met mijn gezondheid. Ik let meer op wat ik eet, probeer twee stuks fruit en genoeg groente te eten en geregeld te sporten. Mijn moeder zegt wel eens dat ik een echte gezondheidsfreak ben geworden. Maar daar voel ik me gewoon het prettigst bij.”
http://www.ublad.uu.nl/WebObjects/UOL.woa/1/wa/Ublad/archief?id=1031642
Ano aan de Amerikaanse universiteiten (videofilmpje 1)
.
Ano aan de Amerikaanse universiteiten 2
