
Mijn weergaloze X-factor
Sommige mensen hebben een natuurlijk uitstraling : ze stappen een feestje binnen en meteen staan ze in het middelpunt van de belangstelling. Ze zijn daarom niet knapper dan een ander, maar ze hebben hét. Volgens de tv zou dat nu X-factor heten, maar eigenlijk heet dat in het schoon Vlaams gewoon uitstraling. Ik heb dat ook een beetje, ‘uitstraling’. Hoewel, bij mij kan het beter omschreven worden als ‘radiatie’. Als ik ergens binnenkom, valt meteen een niet te snijden verveling, planten verwelken op slag, gasten beginnen spontaan te geeuwen, het behang wordt plots verbazend interessant, kortom ik heb zoveel X-factor als een gevriesdroogd zeemvel.
Maar, beste dames en heren, ik heb wel plenty radiatie, jawel! Als ik in de buurt kom van een computer begint die onmiddellijk memory dumps te genereren, CD spelers gaan loos en schieten hun schijfjes in het rond, printers lopen vast of erger nog, zijn niet meer te stoppen. TL-buizen gaan onverwijld over in stroboscoop. Voor een dag of vier is dat wel leuk, maar ik kan je garanderen, na een tiental jaar begint dat toch te vervelen. Vooral als je op een Informatica-afdeling werkt.
Vandaag had ik het weer. Ik wou stiekempjes iets copiëren voor persoonlijk gebruik, 3 keer 4 bladzijden (dat jullie niet denken dat ik hier het bedrijf til voor gigantische bedragen, zij tillen mij voor meer aan overuren, maar dat laatste tussen “( )”).
Nu moet je weten dat wij op het werk een knoert van een copymachine hebben. Dat ding is 1m23 hoog en 1m48 breed (ik héb het nagemeten), het kan copiëren, dienen als printer, als fax, je kunt er naartoe mailen, het kan nieten, vouwen en als de interface naar de koffiemachine geïnstalleerd zou worden, kun je er je wensen naartoe faxen en je bakkie troost wordt zo naar je bureau gespoten. Heerlijk dingetje. Als er iets fout loopt bij het copiëren bijvoorbeeld, dan wordt op een kleurendisplay grafisch precies aangegeven wat er schort, op welke plaats het papier vastzit, welke deur je eerst moet openen om het te vinden enzovoorts. Heel handig, een kind kan de was doen.
Ik legde deze namiddag mijn originelen op de glasplaat en drukte op de groene startknop. Yvonne begon meteen te pruttelen (ik noem de copymachine Yvonne, naar een oude tante van mij, die kon ook zo pruttelen). Probleem was wel dat Yvonne bleef pruttelen. Op het schermpje flikkerden acht rode ‘problem area’s’. Acht ! Na een kwartier allerlei schuiven en lades opentrekken, had ik vijf probleemgevallen opgelost. Voor de laaste drie moest ik een wederom groene knop verdraaien die zich achteraan bevond. Op zich niet zo’n probleem, ware het niet dat we pas Kerstmis achter de rug hebben. Bij het vooroverbuigen tastend naar die knop moet ik eventjes teveel spanning gezet hebben zodat de ritssluiting van mijn broek besloot om andere oorden op te zoeken : kerstkilo’s en yoga gaan niet samen, vond ze. Katching ! en daar stond ik dan. Gelukkig is er niet veel volk aanwezig tussen kerst en nieuwjaar, dus ik kwam er nog goed mee weg tot Steven me plots vroeg wat ik nu weer voorhad. (Steven is onze bedrijfshomo, dus ik werd wel eventjes achterdochtig, als die een open rits ziet.) Gewoon, ritssluiting kapot, niets ergs hoor. Maar hij wees naar mijn mouw. Daar waar vanmorgen nog een vlekkeloze witte hemdsmouw zat, bevond zich nu iets dat het best leek op een schoenpoetsvodje : helemaal verfrommeld en vol zwarte vegen. Ik moet eventjes de toner geraakt hebben.
Als ik nu nog vertel dat ik daarna een koffie over mijn broek gekregen heb en de lift heb laten blokkeren geloven jullie me helemaal niet meer.
Al die gasten met hun X-factor, ze mogen hem houden.
Chocolatemoose
Clou van het verhaal: chocolatemoose is inderdaad geen beau garçon, maar omdat hij zulke grappige stukjes schreef werd de leukste vrouw van de blogcommunity verliefd op hem, ze stuurde hem een mailtje en ze hadden een date. Inmiddels zijn ze al twee jaar een gelukkig koppel.


